
Sommige kinderen kijken naar Zootropolis en vinden meteen Judy Hopps of Nick Wilde het leukst. Andere kinderen blijven juist hangen bij die ene vreemde ram diep onder de stad tussen oude metrostellen, rare machines en geheimzinnige tunnels. Doug Ramses is precies zo’n personage dat ineens blijft opvallen zodra kinderen hem echt zien. Terwijl alles compleet uit de hand loopt in Zootropolis, blijft hij doodrustig verder werken in zijn verborgen laboratorium alsof er helemaal niks aan de hand is. Dat vreemde contrast vinden kinderen vaak ontzettend grappig. Het voelt alsof Doug altijd bezig is met een geheim plan dat niemand anders begrijpt.
En precies daardoor werkt een Doug Ramses kleurplaat zo goed. Zodra kinderen beginnen te kleuren, ontstaat er meteen een veel groter verhaal rondom hem. Eerst ligt er alleen een simpele tekening op tafel. Even later verschijnen er gigantische laboratoria, verborgen deuren, knipperende lampjes en supersnelle metrotreinen op het papier. Doug blijft bijna nooit alleen op de pagina staan, want zijn wereld nodigt kinderen automatisch uit om steeds meer dingen erbij te verzinnen.
Een ram kleurplaat is sowieso al populair bij kinderen omdat wol, grote vormen en grappige dierenkoppen leuk zijn om in te kleuren. Maar Doug heeft nog iets extra’s. Hij ziet eruit alsof hij ergens diep onder Zootropolis bizarre uitvindingen aan het bouwen is terwijl niemand het merkt. Dat mysterieuze maakt hem veel interessanter dan een gewone achtergrondfiguur.
Veel kinderen bedenken tijdens het kleuren meteen hun eigen versie van zijn geheime laboratorium. De ene maakt er een snoepfabriek van waar cola uit de muren stroomt. De andere verzint dat Doug raketten bouwt die door oude metrotunnels vliegen. Sommige kinderen tekenen gigantische controlekamers vol knoppen die zogenaamd de hele stad kunnen besturen.
Het leuke is dat kinderen die verhalen vaak hardop beginnen te vertellen terwijl ze tekenen. “Deze knop laat de trein verdwijnen.” “Hier bewaart hij slijmmonsters.” “Deze machine verandert broccoli in pizza.” Alles klinkt voor hen volledig logisch. Daardoor verandert een simpele kleurplaat ineens in een compleet avontuur.
Doug Ramses werkt ook zo goed omdat hij totaal anders reageert dan veel andere slechteriken. Hij schreeuwt niet constant en gedraagt zich niet overdreven wild. Juist die kalme houding maakt hem grappig. Kinderen vinden het hilarisch dat hij zich bijna meer zorgen lijkt te maken over zijn koffie dan over het complete metrochaos om hem heen.
Tijdens het kleuren ontstaan daardoor vaak supergekke scènes. Sommige kinderen tekenen hem terwijl hij rustig koffie drinkt midden in een ontploffend laboratorium. Anderen laten Judy Hopps en Nick Wilde door geheime tunnels achter hem aanrennen. Hoe langer kinderen bezig zijn, hoe groter de fantasiewereld rondom Doug wordt.
Veel ouders merken dat zulke kleurplaten kinderen veel langer bezighouden dan verwacht. Eerst zouden ze “even iets inkleuren”. Een uur later liggen overal stiften, extra tekeningen en halve kaarten van ondergrondse tunnels verspreid over tafel. Want zodra kinderen het gevoel krijgen dat een personage geheimen heeft, blijven ze nieuwe ideeën bedenken.
Een ander grappig ding is hoe verschillend elke versie van Doug eruitziet. Sommige kinderen houden het donker en mysterieus met grijze tunnels en groene vloeistoffen. Andere maken alles juist extreem fel. Neonroze rook, blauwe wol, oranje metrostellen en gigantische knipperlichten overal door het laboratorium. Hoe gekker het eruitziet, hoe leuker ze het vaak vinden.
Ram tekeningen geven ook veel ruimte om lekker creatief met texturen bezig te zijn. De wollige vacht van Doug nodigt uit om patronen, schaduwen en rare kleurcombinaties te proberen. Sommige kinderen kleuren elk stukje wol netjes apart in. Andere maken er één grote kleurrijke chaos van omdat ze vinden dat een geheime wetenschapper er juist supervreemd uit moet zien.
Wat ook vaak gebeurt, is dat kinderen nieuwe personages rondom Doug verzinnen. Extra wetenschappers. Rare helpers. Robots die door de tunnels rijden. Soms bouwen ze complete ondergrondse steden onder Zootropolis met geheime stations waar alleen Doug van weet.
En het blijft niet altijd bij papier. Sommige kinderen bouwen daarna tunnels van kartonnen dozen of maken hun eigen metrostation onder de tafel in de woonkamer. Een simpele kleurplaat groeit dan uit tot een hele middag fantaseren en spelen.
Het grappige aan Doug Ramses is dat hij tegelijk een beetje spannend en een beetje grappig blijft. Kinderen weten nooit helemaal wat hij nu precies van plan is. Dat maakt hem juist leuk. Hij voelt als een personage waar altijd nóg een geheim verborgen zit achter een deur, tunnel of machine.
Veel kinderen kijken daarna ook anders naar Zootropolis wanneer ze de film opnieuw zien. Eerst was Doug gewoon “die rare ram”. Daarna wordt hij ineens “de figuur van mijn geheime laboratorium”. Daardoor krijgen zijn scènes veel meer betekenis voor kinderen.
Sommige kinderen vinden vooral de metroomgeving leuk. Oude wagons, verlaten stations en geheime gangen zorgen meteen voor avontuur. Andere kinderen focussen juist op de uitvindingen en maken gigantische machines die compleet onzin zijn maar er geweldig uitzien op papier.
Het mooiste aan zulke creatieve activiteiten is dat kinderen het gevoel krijgen dat ze zelf iets toevoegen aan de wereld van de film. Ze volgen niet alleen het verhaal van Zootropolis. Ze bouwen hun eigen versie ervan met hun eigen ideeën, kleuren en bizarre uitvindingen.
En misschien is dat precies waarom Doug Ramses zo’n perfecte kleurplaatfiguur is. Hij voelt nooit helemaal af. Alsof er altijd nóg een verborgen tunnel bestaat die kinderen zelf mogen bedenken terwijl ze kleuren, tekenen en hun eigen geheime wereld onder Zootropolis bouwen.

Op slechts 5 jarige leeftijd veranderde Gustavo een eenvoudige vraag om kleurplaten uit te printen in een idee dat vandaag kinderen inspireert in meer dan 150 landen.
Zo ontstond Imprimivel.com, een project dat samen met zijn vader, Jean Bernardo, werd opgericht om kleur, fantasie en plezier te verspreiden in 10 verschillende talen, met een potentieel bereik van meer dan 800 miljoen kinderen over de hele wereld.
Vandaag is Gustavo verantwoordelijk voor de selectie van de inhoud. Met veel enthousiasme kiest hij thema’s en personages die andere kinderen laten glimlachen, altijd onder de redactionele begeleiding van zijn vader, die de ideeën van zijn zoon werkelijkheid maakt.
